Slenteraar



Beton

Op een zonnige februaridag – het kan verkeren – wandel ik met een flinke omweg naar de supermarkt. Even kijken naar de mensen op de terrassen. Die doen bij de eerste zon van het jaar altijd wat denken aan uitgehongerde kuikens; alle kopjes in de lucht om zoveel mogelijk vitamines naar binnen te schrokken.

‘We gaan weer de goede kant op,’ denk ik dan. Ik wil dat helemaal niet denken, de uitdrukking is zo weinig specifiek, maar toch gebeurt het. Een dwangcliché, las ik in het laatste boek van Paulien Cornelisse.

Op de terugweg slenter ik vlak achter een jonge vader en een kleine dochter. Het meisje moet een jaar of zes zijn. Opeens hoor ik haar opgetogen gillen. De reden: op de stoep ligt een betonnen parkeerpaal op z’n zij. Dat is al een tijdje zo en niemand weet waarom. Ik mag graag denken dat een of andere tedere vandaal die betonpaal op een nacht heeft uitgegraven, ‘m liefdevol op de stoep heeft neergelegd en zich toen reeds schurkig genoeg voelde om met lege handen te vertrekken. Verder kun je er namelijk geen kant mee op. Daar is die paal veel te zwaar voor.

Het meisje van zes lijkt dit niet te deren.

‘Wow, die nemen we mee!’ zegt ze, om zich onmiddellijk op het blok beton te werpen, haar armen er omheen te vouwen en vol overgave te beginnen aan de klus: het meenemen van een parkeerpaal van een kilootje of honderd. Barbie, eat your heart out.

‘Hooo,’ stamelt de vader. ‘Dat moet maar niet.’

De dochter zwoegt en sjort, bijt de tanden op elkaar, maar de betonpaal komt geen millimeter van de grond.

‘Kom helpen, kom helpen!’ roept ze.

‘Maar… waarom?’ vraagt haar vader.

‘Nou, kijk dan, hij ligt gewoon los!’

Ze zet haar handen langs de zijkant van de betonpaal en probeert het gevaarte nu te rollen, in plaats van te tillen.

‘Het… moet… lukken…’

De vader en ik gniffelen.

‘Wat een dapper kind heb je,’ zeg ik.

‘Zeker dapper,’ zegt de vader, en hij ziet er trots uit.

‘… Maar die betonpaal mag niet mee,’ besluit hij.

Hand en hand lopen vader en dochter naar de overkant van de straat, laatstgenoemde onder lichte dwang. Strijdvaardig kijkt het meisje nog een paar keer achterom. Die verrekte betonpaal mág niet mee, maar anders was het haar uiteindelijk gelukt, denk ik.

Ze zwaait.

Ik steek mijn duim op, eigenlijk ook wel trots, en laat van lichtheid bijna mijn diepvriespizza vallen. (Die stond op mijn boodschappenlijstje, samen met slechts twee andere items: ‘wijn’ en – mijn eigen bedrading blijft me verbazen – ‘broek’. Daar moest ik in de winkel zelf ook wel een beetje om lachen.)

Thuis denk ik aan de schriele armpjes van dat meisje en haar onbezonnen vastberadenheid. Dingen doen zonder direct nut, gewoon omdat je er zin in hebt en zonder je af te vragen of je het wel kunt of mag. Waarom is dat voor de meeste volwassenen zo moeilijk? Opeens zit je in een soort eeuwige spagaat: de tijd vliegt, dus moet je het wijs gebruiken. Maar juist door áltijd productief, efficiënt, nuttig en braaf te willen zijn, voelt het leven soms óók als sleuren aan een blok beton. Zwaar, grijs, vreugdeloos. Neem te weinig tijd om vrij te zwemmen en opeens til je je een hernia.

Gelukkig is daar zon in februari: misschien wel de meest effectieve manier om de samenleving voor eventjes op z’n lauweren te laten rusten. Voorjaarszon in Nederland voelt urgent. De verschrompelde kuikens komen naar buiten, de planning biedt kennelijk toch wat ruimte, morgen is er vermoedelijk wéér een dag en die zou – God verhoede – zomaar minder zonnig kunnen zijn. We gaan weer de goede kant op, niemand weet precies welke kant, maar we waren eraan toe.

Deel dit
3 Comments
  • Beatrice Smith
    May 13, 2017

    Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipisicing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua.

    • Jessica Alba
      May 13, 2017

      Duis aute irure dolor in reprehenderit in voluptate velit esse cillum dolore eu fugiat nulla pariatur.

  • Beatrice Smith
    May 13, 2017

    Excepteur sint occaecat cupidatat non proident, sunt in culpa qui officia deserunt mollit anim id est laborum.

Eén reactie op “Beton”

  1. Sam schreef:

    Mooi! Fijn om te lezen dit soort stukjes (en: mijn dochter is nu nog nul en toch herken ik al die vastberadenheid).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

OVER
Friedrich Nietzsche zei ooit dat alle werkelijk grote gedachten ontstaan tijdens het lopen. Ik slenter me het apelazarus in de hoop dat hij gelijk heeft.

EERDERE WANDELINGEN
Ik wandel en schrijf sinds 2009. Nog meer verhalen vind je op mijn oude site. Publicaties in de echte wereld heb ik ook wel ‘s. Bijvoorbeeld in NRC.next, op de Optimist, in de festivalkrant van Lowlands en in het magazine van podium Asteriks.