Slip

Tijdens mijn vroege ochtendronde met de hond zag ik vandaag een vrouw in alleen haar onderbroek in de woonkamer staan. De gordijnen waren open en er scheen een zacht licht uit een andere kamer achterin het pand. De vrouw keek een beetje gedesillusioneerd, alsof ze pas net wakker was en even snel iets uit de woonkamer moest pakken – wellicht een paar sokken, zo stel ik me voor, dat ze die avond ervoor te drogen had gelegd op de verwarming.
“Er is vast nog niemand op straat,” moet ze gedacht hebben.
Dat dacht ik namelijk óók toen ik besloot mijn jas over mijn pyjama aan te trekken en in het donker alvast een rondje te lopen. Precies voor het raam van de naakte vrouw stond ik even ongegeneerd te gapen, bepaald niet charmant en volledig in gedachten verzonken.
Tot ik haar zag.
Kort kruisten onze blikken elkaar. Zij in een grote slip, ik in de lelijkste broek ooit en met ontploft haar. Het is op een gekke manier intiem om opeens in het ochtendritueel van iemand anders te vallen. De uitdrukking van de vrouw hield het midden tussen ongemak en vermaak. Zelf voelde ik me lichtelijk betrapt, maar ook geamuseerd. Ik vermoed dat we allebei grinnikend zijn overgegaan tot de orde van de dag.
Pas later realiseerde ik me dat we juist op dit soort onbewaakte momenten eigenlijk het meest op elkaar lijken – wij, de Mensen. Of je nou de koning bent of Flappie Flapstra, uiteindelijk beginnen we de dag allemaal zo’n beetje op dezelfde manier: met de slaap in de ogen, in onze onderbroek, al dan niet zoekend naar een schoon paar sokken. Stel je voor dat we voortaan al onze oorlogen en veldslagen zouden moeten beslechten in onderbroeken en pyjama’s! Het zou desastreus pacifistisch (©) verlopen. Wanneer je je eigen onhandige menselijkheid in een ander herkent, is het veel moeilijker om diegene pijn te doen.
Het enige probleem is dat we doorgaans niet zo graag in onze onderbroek staan. Liever kleden we onze kwetsbaarheid aan met maatpakken, wapens, uniformen en meer alledaags: eindeloos veel stoere woorden. Het voelt veiliger om ongenaakbaar te zijn, maar dat is eigenlijk heel gek. Het woord ‘ongenaakbaar’ heeft namelijk niet voor niets twee betekenissen. Het betekent dat je onverslaanbaar bent, sterker dan anderen, maar ook: afstandelijk, onbereikbaar. Ik kan me voorstellen dat het vrij eenzaam is om altijd maar ongenaakbaar te zijn. Ongenaakbaar zijn gaat moeilijk samen met je verbonden voelen.
In de groepstherapie die ik momenteel volg, voelt het met enige regelmaat alsof ik in mijn onderbroek op een podium sta. Praten over dingen die moeilijk, mislukt of simpelweg minder fraai zijn – het is oncomfortabel. Totdat je ontdekt dat iederéén er een beetje knullig uitziet in alleen een onderbroek. Wanneer je je allemaal kwetsbaar toont, schept dat gelijke grond. Dan pas stuit je op overeenkomsten die veelzeggender zijn dan dat je allebei van hobby’s houdt. Een voorwaarde is natuurlijk dat er eentje de eerste steen werpt en de Wapens Der Ongenaakbaarheid achterwege laat. In het echte leven blijkt dat nog best lastig.
Enfin, het is dus weer donker bij het opstaan en stiekem vind ik dat wel prettig. Vaak ligt mijn hond nog een tijdje in zijn mand te dutten terwijl ik koffie drink. Hij komt zijn nest pas uit wanneer ik de regenlaarzen aantrek en zeg dat we gaan. Eerdere jaren voelde ik me wel eens alleen, zo vroeg en in het donker, maar dat is eigenlijk klinkklare onzin. Achter al die opgetrokken muren, deuren en ramen wonen immers mensen die in de regel helemaal niet zo anders zijn.


Donderdag 05 Oktober 2017 op 18:40  |  
  |    |  

Geen reacties

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om spam te voorkomen, vragen we je deze simpele vraag te beantwoorden (schrijf het getal voluit):
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.