Phone home (2)

Ik haat bellen, behalve wanneer het naar mijn ouderlijk huis is. Bellen met mijn ouders is op sommige momenten vergelijkbaar met het luisteren naar een ouderwets gezellige aflevering van Buurman & Buurman. Zo ook afgelopen weekend. We hebben het over het weer en over caravans – veel Hollandser wordt het niet – wanneer mijn moeder ons telefoongesprek plotseling onderbreekt.
“Wacht even hoor,” zegt ze. “O gadver, er zit hier een hele grote spin op het gordijn! Zo'n dikke zwarte. Ik zie 'm opeens zitten.”
“Een zwarte weduwe?” vraag ik.
Gestommel, geen reactie. Ergens in de verte hoor ik: “Cor – kom eens, Cor! Muj kiek'n, weer zo'n spin! Zo'n dikke zwart'n.” Daarna, ademloos in de hoorn: “Precies tussen de plooien. Ik hang even op hoor, we gaan hem weghalen. Als het lukt bel ik wel terug.”
Het klinkt vrij apocalyptisch.
“Vaarwel moeder,” zeg ik. Dat lijkt gepast.
Het duurt lang voordat mijn telefoon opnieuw overgaat. Verontrustend, want mijn moeder is bepaald geen watje wanneer het op spinnen aankomt. Als kind heb ik haar menig exemplaar zien fijnknijpen met slechts een smoezelig papieren zakdoekje in de hand. Kordaat en onverschrokken. Ik begin me af te vragen hoe groot deze spin dan wel niet is. Of mijn moeder op dit moment misschien een verdwaalde tarantula probeert op te pakken met een stukje Keukenrol Extra Sterk. Net wanneer ik zwetend de woorden 'dikke zwarte spin overijssel fataal” in wil typen op Google – je bent een doemdenker of je bent het niet – rinkelt mijn mobiel.
“Hallo?” fluister ik.
“Hij is weg,” verklaart mijn moeder.
Ik voel me Barack Obama die zojuist te horen heeft gekregen dat Osama Bin Laden gepakt is. 
“Met de stofzuiger?” vraag ik.
“Nou, ja, onder andere. We begonnen in eerste instantie met de stofzuiger, maar de verkeerde plooi schoot in de slang. Zul je altijd zien, he. Dus dat beest valt opeens van het gordijn af – ”
“Noooo!”
“- maar gelukkig stond je vader daaronder al klaar met een elektrische vliegenmepper. Daar viel 'ie op. Dus die spin ligt op die mepper, en je vader maar drukken op dat knopje! Hahaha. Snel naar buiten. De hele tijd heeft 'ie op het knopje gedrukt.”
“Gaat 'ie daar wel dood van, een paar schokjes? Zo'n dikke zwarte?”
“Jaweeel hoor, jawel. Die gaat wel dood.”
Ik geloof er niks van. Mijn moeder zelf kennelijk ook niet, bij nader inzien. Ze vervolgt: “Maar voor de zekerheid heb ik die mepper nog wel even tegen de onderkant van de tuintafel aan gedrukt. Met de spin erop. Even pletten.”
Een gemeen lachje.
“O ja. Dan moet 'ie wel dood zijn.”
Net wanneer ik denk dat het verhaal afgelopen is, volgt er nog een derde sadistische maatregel.
“En toen dus naar de put.”
“De put?”
“Ja, die put bij ons voor het huis. Op de stoep. Daar hebben we 'm ingegooid.”
"Ik hoor het al," lach ik. "Buurman en Buurman hebben een spin opgeruimd.”
“Ja,” lacht mijn moeder. “En ze gaan nu aan de koffie.”
We nemen afscheid. Naderhand bedenk ik me nog tien dingen die ik eigenlijk had willen vragen en zeggen – wezenlijke dingen – maar het geeft niet. Soms hoef je het nergens over te hebben om toch weer helemaal op de hoogte te zijn.


Zondag 24 Augustus 2014 op 21:45  |  
  |    |  

Geen reacties

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om spam te voorkomen, vragen we je deze simpele vraag te beantwoorden (schrijf het getal voluit):
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.