Groeten vanaf het Cambuurplein

Gepubliceerd in Asteriks Magazine #5
---
Bijna dagelijks geniet ik van de ambiance op het Cambuurplein, het meest levendige winkelplein van Leeuwarden. Zo trof ik daar onlangs drie druk kwebbelende mannen op leeftijd: eind zestig, pas gepensioneerd. Van hun vrouwen hadden ze een dagje de leiding gekregen over de boodschappen. Die last konden ze maar beter samen dragen.
Tegelijk met de heren betrad ik de supermarkt, alwaar het grote groeten begon. “A goeie!” bulderde het drietal. De rimpelige handen gingen in de lucht. Toen de hele winkel eenmaal op de hoogte was van hun aanwezigheid, rukten de senioren op naar de groente- en fruitafdeling. Keurend pakte een van de mannen een peer uit het schap. “Net sa knipe,” zei de luidste man van het stel. Daarna: “Het is je vrouw niet!”
Na een kort maar lawaaiig rondje door de winkel verschenen de mannen bij de kassa. Ze stonden met de handen in de zakken voor de lopende band en loerden naar een oudere dame die aansloot in de rij. “Sorry mevrouw – ik ga sluiten,” zei de caissière. De vrouw keek gepikeerd en schuifelde naar een andere kassa. “Ja, laat die ouwe maar lopen!” grapte het alfamannetje. Hij voegde er een vette knipoog aan toe.
Eenmaal buiten splitsten de drie vrienden zich op. De luidste van het stel stapte op een brommertje en scheurde er ('a goeie!') vandoor. De andere twee gingen wandelend verder, met mij in hun kielzog. De perenknijper begon een onsamenhangend verhaal over zijn zoon, zijn schoondochter en een gescheurde pantalon. Een en al zorgen: “Myn skoandochter wol alles, mar kin niks – en myn soan kin alles, mar wol niks!”
“Mooi klaar mee,” zei de ander.
We passeerden een ondergrondse vuilcontainer. 'Dómme, wat stinkt dat!” bulderde de perenknijper. Zijn uitbarsting werd duidelijk niet alleen ingegeven door de container, maar evenzeer door die gescheurde pantalon en zijn onbenullige kinderen. De vriend had er niet van terug. Na een korte stilte deed hij een dappere poging het gesprek weer een positieve draai te geven.
“Sperziebonen – die kosten tegenwoordig ook niks meer,” mompelde hij.
De mannen staken de weg over en verdwenen uit het zicht.
“78 cent,” hoorde ik de perenknijper nog gnuiven. “Dat is dan wel weer mooi.”


Vrijdag 27 September 2013 op 18:00  |  
  |    |  

Geen reacties

(optioneel veld)
(optioneel veld)
Om spam te voorkomen, vragen we je deze simpele vraag te beantwoorden (schrijf het getal voluit):
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.